zaterdag 2 mei 2026

HHC ronde 31 en finale snelschaken

Weer een tussenronde op de laatste dag van april '26. Tegelijkertijd werd ook de finale van de snelschaakcompetitie gespeeld en dat had toch ook invloed op de ranglijst. Uiteraard worden de partijen niet echt gevolgd door de verdere aanwezigen. Maar gelukkig stuurde Thomas Ammerlaan (die er zelf ook in meespeelde) zijn ervaringen er over in.

Rechthebbend op een finaleplaats waren Thijs van Dam en Thomas, die zich beiden via de Kerstaflevering hadden geplaatst en Ernst Jan Pluim Mentz, Tim van Huizen en Martijn van Dam via het Paastoernooi. Dan had zich ook Jan van Dam geplaatst maar die vond het nodig om op vakantie te gaan en zodoende niet mee te kunnen spelen. Voor hem in de plaats was Peter Derrez uitgenodigd die zich via het Kersttoernooi had geplaatst. Dan nu het woord aan Thomas: In de eerste ronde mocht ik direct tegen Ernst Jan, met zwart. Dan hebben we dat iig alvast gehad. Het bleek snel in mijn voordeel, want ik kwam een pion voor te staan in een vrijwel gewonnen positie. Helaas gaf ik een dame weg en dus kwam mat al snel op het bord.

Van de overige partijen in deze ronde heb ik niet veel gezien, maar de resultaten waren niet echt opvallend. Winst was er voor Martijn tegen Tim en voor Thijs tegen Peter, allen te zien op bijgaande foto.

In de tweede ronde ging het niet veel beter voor mij. Ik gaf snel een stuk weg tegen Tim, maar wist goed terug te vechten. Helaas waren de donkere velden erg zwak bij mijn koning, wat uiteindelijk fataal was. Verlies was er ook voor Peter tegen Ernst Jan en voor Martijn tegen Thijs.

Ronde drie bracht dan eindelijk een winstpartij voor mij, tegen Peter. Het ging lang gelijk op, maar Peter werd nerveus aan het einde en gaf een pion, met schaak, weg. Als daarna ook nog een paard van het bord afging was het einde verhaal. Opvallend was de remise tussen Martijn en Ernst Jan, die doorvochten tot koning tegen koning. Thijs won nog van Tim.

Dan de vierde ronde. Tegen Martijn had ik deze keer weinig moeite. De partij van de ronde was Thijs tegen Ernst Jan. Ernst Jan had een gewonnen eindspel, maar dat voordeel werd weggeven. Toen Thijs op de laatste secondes zat, vlogen de stukken van het bord. Uiteindelijk ging Thijs door de vlag, terwijl Ernst Jan nog 20 seconden had. Tim won nog van Peter.

De laatste ronde van de eerste helft gaf mij weer een punt, deze keer tegen Thijs. Het ging redelijk gelijk op, maar langzamerhand nam hij de partij over. Uiteindelijk pakte hij een pion die twee keer verdedigd stond, wat over het hoofd werd gezien. Direct daarna werd een kwaliteit ook nog opgegeven en kort daarna gaf Thijs op. Tim wist weer punten af te pakken van een favoriet, een half puntje tegen Ernst Jan. Voor Peter wilde het weer niet lukken, hij verloor van Martijn.

Na een korte pauze kon de tweede helft beginnen met de revanchepartijen uit de eerste helft. Deze keer wist ik wel van Ernst Jan te winnen. Het was een lastige positie voor beide kanten maar ik wist met een pion aan de overkant te komen en Ernst Jan niet. Dit maakte het toernooi weer spannend, met 4 punten voor mij, Ernst Jan en Thijs (winst tegen Peter). Tim verloor van Martijn. 

Ronde zeven won ik snel van Tim maar mijn concurrenten wisten ook te winnen (Ernst Jan van Peter en Thijs van Martijn) en dus was het nog steeds afwachten wie er punten ging laten liggen.

In ronde acht maakte ik het met nu 6 winstpartijen achter elkaar. Peter bood deze keer een stuk meer weerstand maar uiteindelijk was het dame-eindspel te complex, zeker met een minuut minder op de klok. Tim verloor van Thijs en Martijn van Ernst Jan.

Ronde negen forceerde dan eindelijk puntenverlies voor Thijs of Ernst Jan. Dit werd Ernst Jan, waarna kampioenschap niet meer mogelijk was voor hem, want ik wist te winnen van Martijn. Een erg leuke partij overigens, waar ik met een knotsgekke lijn een pion wist te winnen. Na een trucje won ik ook nog een stuk en was het daarna nog even uitspelen. Peter verloor van Tim.

De laatste ronde was dan alweer aangebroken en mochten Thijs en ik het uitvechten voor plaats één. Ik was al niet erg blij met de opening, ik speelde het iets te passief met zwart. Ik wist het nog gelijk te trekken, maar mijn stukken stonden niet echt klaar voor een aanval op zijn koning. Uiteindelijk moest ik een kwaliteit geven om niet mat te gaan, waarna Thijs een aantal ruilen forceerde. Hij won een aantal pionnen en even later ook de partij. Tim verloor van Ernst Jan en Peter nog van Martijn. Een spannend toernooi tot aan het einde dus!
De eindstand is zichtbaar op de volgende tabel:


Thijs

Thomas

Ernst Jan

Martijn

Tim

Peter

tot.

Thijs

x x x x

0 - 1

0 - 1

1 - 1

1 - 1

1 - 1

8

Thomas

1 - 0

x x x x

0 - 1

1 - 1

0 - 1

1 - 1

7

Ernst Jan

1 - 0

1 - 0

x x x x

½ - 1

½ - 1

1 - 1

7

Martijn

0 - 0

0 - 0

½ - 0

x x x x

1 - 1

1 - 1

Tim

0 - 0

1 - 0

½ - 0

0 - 0

x x x x

1 - 1

Peter

0 - 0

0 - 0

0 - 0

0 - 0

0 - 0

x x x x

0

Nu dan verder met de huishoudelijke ronde. Hierover kan eigenlijk maar mondjesmaat commentaar worden gegeven. Als je namelijk lang met je eigen partij bezig bent en daarnaast ook nog eens slecht ter been dan blijft er weinig ruimte voor zinvol commentaar.
Zo was de eerste partij er eentje van groot belang voor de top van de ranglijst. Deze ging tussen Julian Krabbendam en Jan van Huizen. Zo had Julian de mogelijkheid om bij winst de eerste plaats over te nemen aangezien Ernst Jan die momenteel bezette en niet meer dan vijf punten aan zijn totaal kon toevoegen. Zou die stress bij Julian toegeslagen hebben? Volgens zeggen gaf hij minder goede tegenstand zodat Jan na afloop triomfantelijk "ik heb de eerste plaats voor je veilig gesteld" tegen Ernst Jan kon zeggen. Hij had Julian namelijk verslagen.en verstevigde daarmee zijn eigen vierde plaats.
De volgende partij was tussen Peter Leentvaar en Rik Verhey. Beiden hadden al eerder dit seizoen de degens gekruist, toen (vorig jaar nog) voor de RSB-wedstrijd tussen De Pionier 2 en Spijkenisse 2. Die partij had Rik toen (met de witte stukken) aan bord 4 weten te winnen. Nu dus met verwisselde kleuren. Lange tijd hielden ze elkaar redelijk in evenwicht. Maar in het toreneindspel, met elk nog één toren en een aantal pionnen, leek Peter een onzorgvuldigheid te begaan door met zijn toren de pionnen van Rik op de damevleugel aan te gaan vallen. Dat leverde geen succes op, volgens de kenners had hij zijn aandacht beter op de koningsvleugel kunnen richten. Weer een aantal zetten later had Rik het nauwelijks aanwezige lek boven water en gaf Peter op.
Dan Bonne Faber tegen Michiel Landman en dat ging steeds meer op een hoofdstuk uit het boek "Hoe verlies ik een redelijk te winnen positie" te lijken. Al een - achteraf gezien - teken daarvan was te zien
in het bovenstaande diagram.Bonne wilde daar proberen Michiel te verleiden het paard, dat hij naar a3 had gespeeld te slaan om zo van die vervelende loper verlost te zijn. Maar Michiel wilde niet meewerken (had hij soms een vooruitziende blik want die loper zou nog een belangrijke rol in zijn voordeel gaan spelen) en speelde Pf6. Voor Bonne was - La3;Pf6 - bxc4;bxc4 - Lxe7;Dxe7 - Da4 een beter vervolg geweest. Nu kwam Michiel goed te staan totdat hij bij ongeveer zet 20 een fout maakte zoals te zien is op het volgende diagram. Hij speelde hier a5, waarmee hij het nodige weggaf. Bonne
speelde hier goed op in met - Pxa5;Pxa5 - Lxa5;Txa5 (beter Dc6, waar Bonne ook een beetje op had gerekend) - Txa5;Tc8 (gelukkig voor Bonne geen Lxf3) en nu de aanvallende zet Tc1. Michiel probeerde met Le4 druk te zetten op loper c2 en dat werd verdedigd met Ta2, waar Ta4 met de bedoeling Tc4 beter was. Enkele zetten later kwam de volgende stelling op het bord met nog steeds
Bonne met de betere positie. Hier had b4 gespeeld moeten worden maar met Dc1 zette hij de beginnende achteruitgang in werking. Het lijkt natuurlijk leuk om op pionnenjacht te gaan maar je kunt beter je positie verbeteren. In de volgende positie begon het echt slecht te gaan voor Bonne. Hij was
helemaal gefocust op het schaak op e2 en speelde daarom Kf1, waar Pf5+ de betere zet zou zijn geweest. Dat bleek dan een soort afruil te worden van dit paard tegen het andere paard (na e of gxf5) of de loper na Dxf5. Nu ging het er echt slecht uitzien voor Bonne in de volgende stelling:
Hij speelde hier Dd2, met de bedoeling te proberen op termijn de dames te kunnen ruilen. Maar hij had helemaal het schaak op b5 overzien. Dat werd het volgende pionnetje kwijt en theoretisch gezien een moment om de partij maar op te geven. Maar dat doe je niet zomaar ook al weet je dat dit wel beter is voor je gemoedsrust!? Michiel echter wilde het nog wel even rekken en speelde Dxb3 i.p.v. het veel sterkere ...;Dh5 - Kg1;Pe2+ - Kf1;Pc3 - Kg1;Pxd1. De zwarte dame werd naar g5 gespeeld met dus extra druk op de koningspositie. Met nu g3 spelen had er misschien nog iets voor Bonne in gezeten maar hij speelde Kf1 en maakte het even later nog bonter door g4 te spelen en zodoende Michiel alle ruimte gevend voor mat in twee.
Leo Stelloo kreeg Albert Bijzitter als tegenstander en wist goed partij te geven. Maar zijn meestal de boventoon voerende tijdnood weerhield hem ook nu weer van het betere einde van de partij. Hij had ditmaal wel oog voor zijn klok maar had op zeker moment gekeken en nog ruim zeven minuten over gehad en toen hij weer keek was zijn vlag gevallen!
Na een poosje problemen met zijn gezondheid gehad te hebben zag Ad van der Ree weer mogelijkheden om naar de club te komen. Hij kreeg nu Sheila de Jonge tegenover zich, waarbij hij het moest zien te redden met het zwarte materiaal. Dat lukte hem tenslotte ook, ns een langere periode van niet geschaakt te hebben.
Duncan Peltenburg kreeg met Maurits Leentvaar te maken en wist daar geen succes mee te bereiken. Dat is eigenlijk ook wel logisch als je weet dat Duncan speelt in het derde team en Maurits in het eerste. Verlies voor Duncan dus.
Toch was er (behalve de snelschakers) tenslotte nog een witspeler die wist te winnen.Want Wim Noordermeer toonde ach sterker dan Frits van der Veeke en bleek achteraf de enige witspeler aan wie dat lukte.
Hij leek zich helemaal uit zijn dip te hebben gewerkt maar het lukte Jacques Kokshoorn nu niet om dat te blijven handhaven tegen Hans Maagdenberg.
Als laatsten dan de beurt aan Albert Schaefer tegen Michael Smalheer. Als je dit verhaal goed hebt gelezen dan weet je al dat Michael deze partij heeft gewonnen. Dat was hem al een poosje niet meer gelukt. Nu dus wel.
Dit alles brengt weer een nieuwe tussenstand.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten