zaterdag 31 oktober 2026

HHC ronde 8

Voor een aantal leden leek er wel iets ingehaald te moeten worden. Tenminste, de opkomst was even groot als het record van dit seizoen tot zover. Maar wel weer oneven. Hiernaast kon het bekertoernooi een stapje verder komen met het bijna afgelopen zijn van de voorronde en nog 7 lotingen voor de eerste ronde. Die moeten dan voor eind november gespeeld zijn.

Fred van Wieringen had een drukke dag in het verschiet maar een relatief makkelijke avond. Zodoende had hij voldoende gelegenheid een aantal partijen te bekijken en maakte in zijn drukke schema tijd vrij voor verslagen. Jaap Santifort heeft het blijkbaar erg druk met het opstarten van zijn nieuwe vereniging in Goedereede dat hij zich uit de beker heeft teruggetrokken. Zodoende kon Jacob Mijnlieff doorstromen naar de eerste ronde. In de eerste ronde van de bekercompetitie moesten Julian Krabbendam en Jacob Mijnlieff tegen elkaar  spelen. Julian is de man in vorm en dat toonde hij ook in de eerste partij. In de opening ging het nog gelijk op, maar toen Jacob h4 speelde zag Julian kansen, Het mikpunt was pion g3. Daar stonden de dame en loper op gericht. Jacob probeerde dat te verdedigen maar het werd alleen maar erger. Twee stukken gingen eraf en de dreiging was er nog steeds. Genoeg voor Jacob om op te geven. De tweede partij verliep iets beter voor Jacob. Totdat hij een toren in liet staan. Julian pakte de toren en ook de overwinning. Julian moet het in de volgende ronde opnemen tegen Duncan Peltenburg.

Fred van Wieringen en Hans Maagdenberg speelden ook voor de beker. Een partij in de voorronde. Beiden kwamen goed uit de opening. Gaandeweg nam Fred het initiatief. Hij pakte de pion op b2 en had de b-lijn in handen. Hans viel met een loper deze toren aan maar zag niet dat zijn paard niet voldoende was verdedigd. Dat ging er dus af. Vanaf hier ging het minder voor Hans, die meer materiaal verloor en ook de partij. De tweede partij ging gelijk op. Na een grote afruil bleven er voor beiden een paard en diverse pionnen over. Fred wist een pion te slaan. Toen er nog een pion afging gaf Hans op. Fred dus naar de eerste ronde. Daar moet hij het opnemen tegen de bekerwinnaar van vorig jaar, Ernst Jan Pluim Mentz.

De derde loting was er ook eentje uit de voorronde en wel tussen Rik Verheij en Maurits Leentvaar. In de eerste partij daarvan wist Rik zijn tegenstander steeds verder in het hoekje te drukken waar deze liever niet wilde zijn. Dat lukte dan ook niet geweldig en kostte hem ook de nodige bedenktijd. Het eindresultaat was dan ook het matzetten van de koning van Maurits. Maar dat wachtte hij niet af, één zet er voor gaf hij op. Met de zwarte stukken ging het niet veel beter voor Maurits. Hij ging een uiterst gevaarlijke lijn spelen in de "Fried Liver Attack":

Als je het perfect weet te spelen met zwart kom je er nog uit, Pb4 is bijvoorbeeld hier de enige zet die zwart in het spel houdt. Uiteindelijk brak wit toch door en dus won Rik 2-0 van Maurits. Nu mag hij de strijd aanbinden met Robin Stuit.

In de interne competitie is het momenteel stuivertje wisselen om de eerste plek. Maar dat heeft ook veel te maken met het bekergebeuren, waarin lijstaanvoeder Julian "slechts" vijf punten aan zijn totaal kon toevoegen. Concurrent Albert Bijzitter daarentegen kon volop scoren. Hij was, met zwart, ingedeeld tegen Michiel Landman en daartegen speelde hij een soort van afwachtende partij. Die partij eindigde overigens met damewinst voor Albert aangezien hij met schaak een stuk sloeg dat alleen door de dame van Michiel werd verdedigd. Hierna kwam die dame gepend te staan door een toren en zodoende werd het een eindspel van twee torens voor Michiel en dame en paard voor Albert. Dit vond Michiel zo dreigend dat hij opgaf en daarmee de weg naar de eerste plaats plaveide voor Albert.

De partij van Thomas Ammerlaan tegen Jan van Huizen zou je aan beide kanten een ramp kunnen noemen. Op zet 6 maakte Jan al de eerste blunder:

Na Pf5 Lxe3 Pd6+ Kf8 fxe3 staat wit gewonnen. Ik speelde daarna nog een aantal goede zetten, maar ik ging voor het verkeerde plan op zet 12:
Ik had voor mijn originele plan moeten gaan, Lc4, maar ik was gretig en nam op b6. Na Pd4 dacht ik slim te zijn met b7 Pxe2+ Dxe2 Lxb7 Pxb7, maar het paard stond volledig vast en Jan won hem terug met Db4, waarna wit nog maar een klein beetje beter staat. Ik vond nog een mooi kwaliteitsoffer, waarna ik weer veel beter stond, maar ik maakte een fatale blunder op zet 24:
Ik zocht hier lang naar een goede zet, Df3, Pxd7+ en Tf1 kwamen in mij op en Tf1 gaf hier ook een mooi voordeeltje voor wit, maar Dh4?? gaf meteen de partij weg na Dc2. Wit verliest hier een toren en dus probeerde ik nog Pxd7+ Kg8 Dd8+ Txd8 Pf6+, met de hoop Kh8, waarna Txd8 Tg8 Txg8 mat is, maar Jan speelde natuurlijk Kf8, waarna ik opgaf.

Als laatsten waren Jan van Baardwijk en Timo van Kesteren nog bezig. Het spel ontwikkelde zich naar een interessant eindspel. Zo interessant dat Jan zijn zetten niet meer opschreef en vaak zijn klok vergat in te drukken. Dat deed Timo wel voor hem. Uiteindelijk wist Timo tegen de klok van 12 uur de partij te winnen. Daarvoor had hij een vrijpion op de f-lijn gecreëerd middels een fraai paardoffer. Dat offer nam Jan overigens niet aan, anders zou die pion doorgelopen zijn. Nu kon hij de pion nog afstoppen met zijn paard. Zo ontstond dat interessante eindspel.

Jacques Kokshoorn was aan Hans van Calmthout gekoppeld. Dat leek hij lang vol te kunnen houden maar uiteindelijk bleek Hans hem toch de baas te zijn.

Dik van der Pluijm moest het opnemen tegen Peter Derrez. Peter zag er wel een beetje tegenop, maar wist toch goed tegenspel te bieden. Hij dreigde constant over de diagonaal a8-h1. Daar stonden zijn dame en loper gericht op g2. Dick wist g2 keurig te verdedigen en kon Peter op de achterste rij schaak geven. De koning kon weg maar toen Dik Ta1 speelde was de loper op a8 ingesloten. Peter probeerde nog wel wat, verloor een stuk en daarna ook de partij.

Serhii Suldin speelde zijn tweede Pionierpartij en kreeg daarvoor Reinier van der Wende tegenover zich. Hij opende vrij agressief door relatief snel zijn pionnen op te spelen. Dat bleek verderop net te veel van het goede en Reinier wist via de al geopende voorlaatste rij een sterke aanval op te zetten. Daar bleek Serhii eigenlijk geen antwoord op te hebben. Eigenlijk het enie qntwoord dat hij wist te bedenken was opgave.

Leo Stelloo had het moeilijk tegen Ad van der Ree. Beiden speelden de opening goed maar Ad had het initiatief. De c- en de d-lijn lagen open en Ad bezette de c-lijn en viel een door een loper gedekt paard aan. Ad sloeg de loper met zijn toren en pakte het paard. Een toren voor een paard en loper. Daar wist Ad wel raad mee. Hij maakte het Leo zo moeilijk dat Leo “door zijn vlag” ging.

Jan van Dam had best veel moeite met Wim Noordermeer. Jan ging ten aanval maar Wim verweerde zich kranig. Er kwamen meer dreigingen in het spel van Jan te zitten. Maar dat was niet meer nodig toen Wim een toren in liet slaan. Wim gaf direct op.

De verrassing van de avond kwam bij de partij tussen Dennis de Graaf en Michael Smalheer. Dennis wil wel graag agressief spelen en Michael heeft voorzichtigheid hoog in zijn vaandel staan. Dit had gaande de partij een iets betere stelling voor Dennis tot gevolg. Hij wist, bijna aan het einde van de partij, een ongedekte loper van Michael te pennen met een toren. Het enige antwoord op stukverlies dat Michael wist te bedenken was een soort van eeuwig schaak. Daar dacht Dennis uit te lopen door zijn koning naar h4 te spelen. Maar dat was nou juist het enige veld waar die koning niet naar toe mocht want het was nu direct mat met Th3. Maar tot grote verbazing van enkele toeschouwers speelde Michael die zet niet maar gaf hij op!? Het enige waar hij aan gedacht zal hebben was het verlies van de loper.

Dan tenslotte nog de partij tussen Rob Leijn en Frits van der Veeke. Dat ging niet zo goed voor Frits want hij verloor op een gegeven moment zijn a-toren door schaak op c7. Maar hij ging nog wel even door. In zijn optiek moest Rob maar bewijzen dat hij gewonnen zou staan. Dat kostte Rob nog wel de nodige moeite maar lukte hem tenslotte toch.

Dit alles brengt ons bij een nieuwe tussenstand.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten