zondag 14 juni 2026

HHC ronde 37

Alweer de voorlaatste ronde van dit seizoen. De opkomst was niet meteen groot te noemen maar dat is toch wel een beetje gebruikelijk in de maand juni. Maar zes partijen werden er gespeeld. Er mag weer gebruik worden gemaakt van enig commentaar van Fred van Wieringen.

Nu niets van de hand van Thomas Ammerlaan, die had zijn handen vol aan het kampioen worden van en met het eerste viertal. De eerste partij, die in beeld komt werd gespeeld door Albert Bijzitter en Bonne Faber. Bonne begon niet op de manier, die hij het liefste speelt want hij had in eerdere partijen daarmee slechte ervaringen tegen Albert. Angst is een slechte raadgever, zo blijkt ook bij het volgende fragment:

Hier had Pfxd5 moeten volgen maar Bonne was bang voor Lxh7+. Maar dat is geen ramp want er kan dan ...;Kxh7 - Lxe7;Pxe7 volgen en zwart komt er beter uit, mede door de penning van het paard op f3. Er werd h6 gespeeld, wat eigenlijk al een verzwakking is van de positie van de zwarte koning. Albert sloeg nu op f6, wat eigenlijk niet zo goed is wegens de latere dreiging Lxc3. Dit had Bonne op zich wel gezien maar hij zag er geen voordeel uit komen. Maar dat was er wel, getuige het mogelijke vervolg: - Lxf6;Lxf6 - Le2 (wat ook gespeeld werd);Lxc3 - bxc3;Pa4 - Dd3;Df6 - c4;Tfe8 en zwart staat sterker dan in de partij. Vanaf de volgende positie neemt Albert de partij helemaal in
handen. Bonne had zojuist Dd7 gespeeld om de toren naar e8 te kunnen spelen. Albert speelt nu Pe4 en Bonne had daar het beste op kunnen reageren met Db5. Daarop zou dan de zet Pxc5, die later in de partij ook volgde, kunnen volgen. Even later ontstaat de volgende positie:
Net hiervoor had Bonne zijn paard van b6 naar c8 gespeeld om een extra dekking op e7 te krijgen. Veel beter zou Pa8 zijn geweesr om nu die extra dekking aan e8 te geven. Het (achteraf) logische vervolg speelt Albert nu met Pf6+! Een zet, die Bonne dus eigenlijk niet aan had zien komen. Althans het gevolg er van. Omdat hij het idee kreeg dat Albert het nauwelijks af wist te maken bood Bonne in de volgende
positie remise aan. Eigenlijk werd er ook niet verwacht, dat Albert het aanbod zou aannemen maat je weet nooit of de koe een haas kan vangen!? Na - Pd2;Lg5 ruilde Albert de dames en sloeg Bonne terug met het paard. Met de loper zou veel beter zijn geweest. In de slotstelling vond Bonne het welletjes en
gaf de partij dus op. Albert hoefde immers niet anders te spelen dan de a-pion naar a8 brengen, waar niets tegen te beginnen zou zijn. Verdiende overwinning voor Albert, mede dankzij een aantal slechte zetten van Bonne.
Dan nu het woord aan Fred: In de voorlaatste ronde probeerden Fred en Reinier van der Wende nog wat punten te sprokkelen. Reinier was beter bekend in de opening en Fred, die een aanval probeerde op te zetten op de damevleugel, zag dat mislukken door goed spel van Reinier. Ondertussen kwam Reinier op de koningsvleugel opzetten. Zijn stukken waren sterk en de koning van Fred was opgesloten. Wat Fred ook probeerde, het lukte niet om te ontsnappen. Reinier wist hierdoor een stuk te winnen. Fred feliciteerde Reinier met het goede spel.

Zou Peter Leentvaar zijn aantal remises nog uit gaan breiden tegen Leo Stelloo? Daar ging het op zeker moment wel een beetje op lijken want ze wisten elkaar redelijk goed in evenwicht te houden. Maar de makke van Leo (het goed inplannen van de bedenktijd) ging weer een rol spelen, waardoor hij later in de partij sneller dan hem lief is zijn zetten moest doen. Daar wist Peter goed op te anticiperen, wat hem op zeker moment stukwinst opleverde. Hij kon namelijk door het iets minder goed plaatsen van zijn stukken door Leo een toren op de helft van Leo krijgen waar deze een loper verschalkte. Nog wat later kon Peter zelfs de dame van Leo vangen middels een röntgenschaak met de loper. Maar Peter had net iets verder gekeken en gezien dat hij mat in één kon geven door zijn dame naar de achterste lijn te spelen. Winst dus voor Peter.

In groep 4 is het nog spannend. Michael Smalheer en Duncan Peltenburg streden voor de koppositie. Het begon al in de opening. Michael dacht een pion te winnen door op f7 te slaan, maar Duncan had goed tegenspel en won de pion terug. Er volgde een grote afruil in het nadeel van Michael. Hij stond nu met zijn paard tegenover twee verbonden vrijpionnen. Duncan speelde dit goed uit. Voordat een pion zou promoveren gaf Michael op.

Jacques Kokshoorn kwam in touw tegen Jan van Baardwijk, die het clubgevoel weer helemaal terug lijkt te hebben gevonden. Ze speelden een partij, waarin Jan het betere van het spel leek te gaan krijgen maar dat was toch niet het geval want enige tijd later besloten ze tot remise.

Dan de partij tussen Frits van der Veeke en Hans Maagdenberg. Het werd een foutenfestijn. Hans verloor eerst een stuk en Frits had vier vrijpionnen op de damevleugel. Maar toen gaf Frits een toren weg en Hans kon ook nog een aantal pionnen slaan. Frits was nog steeds gevaarlijk met twee oprukkende pionnen. Hans had op de f-lijn ook een vrijpion. Met het tegenhouden van een vrijpion van Frits maakte Hans een fout en Frits had een dame. Hans gaf direct op.

Dit alles heeft een nieuwe tussenstand tot gevolg.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten