zondag 11 januari 2026

HHC ronde 16

Weer een eerste schaakavond van een nieuw jaar. Meteen een mooie gelegenheid om ieder, die dit leest, het allerbeste (schaak)jaar toe te wensen, mede namens het bestuur van de vereniging! Voor een deel van de leden was het nog wel een reden om de Kerstvakantie nog wat te verlengen. Maar er kwam ook nog eens "vers bloed" met hopelijk toch een verlenging. Ook kregen we een nieuwe leider van de ranglijst.

De partij tussen nummer twee van de ranglijst, Jan van Dam en de aanvoerder er van, Jan van Huizen, had een enigszins grimmig karakter. Niet zozeer door de instelling van de spelers maar mee door wat er op het spel stond. Wie de partij naar zich toe zou trekken zou zich (voor langere tijd) van plek één verzekeren.  En Jan van Dam maakte het de tegenstander bijzonder moeilijk. Maar het was al wel vaker voorgekomen dat Jan van Huizen zich uit een penibele situatie wist te redden maar ditnaal lukte hem dat niet, Jan van Dam won tenslotte de partij en mag zich dus voor een poosje teo lijstaanvoerder kronen. Maar dan moet hij wel terdege oppassen voor een oprukkende Ernst Jan Pluim Mentz, die met zwart Julian Krabbendam oprolde. Na een aantal zetten verloor Julian een stuk en dan heb je weinig kans meer tegen Ernst Jan, die al eens aan heeft gegeven dat een pion voorsprong voldoende kan zijn voor partijwinst. Julian probeerde nog wel met zijn c-pion, gedekt door een toren, op te rukken maar hij kwam niet verder dan net over de helft van het bord, waar Ernst Jan dit kleinood met twee torens aan wist te vallen en de pion zodoende kon veroveren. Maar zover liet Julian het niet komen. Toen hij zag dat hij zijn pion niet meer zou kunnen laten promoveren gaf hij de partij op. Dan kijken we naar Michiel Landman tegen Bonne Faber, wat een partij zou worden uit de groep "van dik hout zaagt men planken", vooral van de kant van Michiel. Hij toonde al vrij snel zijn aanvalsplannen, zoals te zien op het eerste diagram:

Hij begon meteen al met het spelen van h4 maar had veel beter eerst aan zijn onwikkeling kunnen werken met zetten als Df3 of Pf3 en zo rustig die aanval op poten zetten. Bonne leek toch een beetje angstig te worden en speelde h6, om de loper tot een verklaring te dwingen. Beter zou ...;e5 - dxe5;Pxe5 - Pf3;Pxd3+ - Dxd3;c6 - 0-0-0;Te8 zijn geweest. Dit had een klein resultaat want Michiel ruilde op f6, waar de computer - Df3;Pd7 - Lxe7;Pxe7 aanbeveelt. Een poosje later liet Michiel helemaal zijn
aanvalsplannen zien met een al dan niet in de planning opgenomen stukoffer, door in dit diagram te vervolgen met dxe6 (?). Na ampele overweging pakte Bonne het cadeau uit met dxc3. Michiel zette door en speelde - exf7+;Txf7 - Dxc3 en dreigde nu Lh7+ met dameverlies voor Bonne. Gelukkig voor hem zag hij die mogelijkheid wel en speelde hier Db6 met het plan druk op b2 te zetten. Beter zou toch ...;Lg5+ - Kb1;Lf6 - Db4 en nu pas Db6. Maar Bonne had alleen oog voor het aangevallen paard op a5.
Dan kwam de volgende positie in beeld nadat Michiel The1 had gespeeld. Hier raakte Bonne even een beetje de weg kwijt met de zet Pc6, waar Lg4 zijn grootste problemen zou hebben opgelost. Natuurlijk greep Michiel met Lc4 zijn kans. Maar na de volgende zet, waar Bonne weer geblunderd had door zijn plan met druk op b2 door te zetten, gaf hij zijn voordeel voor een groot deel weer weg (zie diagram):
Hierbij had Michiel de winst bijna binnen kunnen halen met Db3, waarna dameruil en behoud van de loper veilig gesteld zou worden. Maar Michiel speelde Dc4, waarmee hij zijn voordeel helemaal vergooide. Zo ontstond het volgende diagram met weer een opgelegde kans voor Michiel:
Omdat Bonne had verzuimd eerder Lg4 te spelen gaf Dxc6! Michiel weer een winnende positie. Maar hij zag dit niet (een dameoffer let je minder op) en speelde Dc5+. Nu kwam het eindspel meer in beeld, waarin nog een stel torens werd geruild en Michiel zijn laatste blunder speelde door, met zijn dame op f4, zijn toren naar e3 te spelen. Opnieuw pakte Bonne een cadeautje uit en gaf Michiel even later op.
Sheila de Jonge ving een nieuwe geïnteresseerde op en speelde ook een partij tegen Joran van Zessen. Maar ze hield geen rekening met het "moeten" pamperen van nieuwelingen en won gedecideerd van Joran. Leo Stelloo bleek weer goed in vorm tegen Hans Maagdenberg. Dat bracht Hans er toe zijn dame weg te blunderen, zoals in de wandelgangen werd opgemerkt. Hans gaf ook meteen op.
Jacques Kokshoorn kreeg te maken met Frits van der Veeke. Ze leken aardig aan elkaar gewaagd maar tenslotte wist Jacques het spel zover te krijgen dat Frits opgaf. Wim Noordermeer en Peter Derrez hielden elkaar lange tijd goed in evenwicht en kregen zodoende een eindspel met elk een toren en een loper en enkele pionnen, waarvan beiden er eentje op de voorlaatste rij wisten te krijgen. Maar dan komt natuurlijk het probleem: hoe krijg je dat kleinood naar het laatste veld? Dat lukte Wim als eerste maar daar offerde Peter zijn loper voor op. Nu dus de beurt aan hem en dat lukte beter want zijn pion had nog een broertje op de lijn er naast en zodoende wist Peter wèl een dame te krijgen, wat Wim noopte om de partij op te geven. Albert Schaefer had, net als Reinier van der Wende, de elementen getrotseerd en was naar de Petrakerk gekomen. Daar trof hij dan Reinier, die hem uitlegde dat hij wegens rugklachten van de competitieleider toestemming had gekregen met het jeugdtempo te spelen. Dat maakte voor Albert niet zo veel uit, hij was er toch wel van overtuigd geen partij voor Reinier te zijn. En dat klopte tenslotte ook wel want Reinier won de partij. Als laatsten zijn dan Dennis de Graaf en Bart Rietdijk (een nieuwe speler, die hopelijk dat idee vast blijft houden) aan de beurt en die beurt was eigenlijk al rap weer voorbij met winst voor Dennis.
Dit alles brengt weer een nieuwe tussenstand teweeg.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten