zondag 25 januari 2026

HHC ronde 18

Er zijn een aantal leden, die dit kalenderjaar nog niet aanwezig zijn geweest. Hopelijk heeft dat geen negatieve reden! Wel kwam er wijziging in de toplaag van de ranglijst. Ook kon de helft van de nog te spelen indelingen voor de tweede ronde van de bekercompetitie worden gespeeld. Blijven er toch nog twee over en daarvoor staat eigenlijk nog maar één avond open, anders moet de competitieleider weer handelend optreden.

Die competitieleider kwam zelf ook in actie voor de bekercompetitie. O.a. van die beide partijen doet Fred van Wieringen verslag: De bekerwedstrijd tussen Martijn van Dam en Fred was geen moment spannend. Fred kon geen dreiging vormen voor Martijn. De eerste partij ging nog redelijk gelijk op, maar Fred speelde een aantal verkeerde zetten en daar profiteerde Martijn optimaal van en pakte de eerste winst. De tweede partij was niet anders. Martijn, met de witte stukken, wist in het begin een pion te winnen en was erg sterk in het centrum. Fred had geen kans en winst was ver weg. Na nog een pionverlies gaf Fred op. Martijn verdiend naar de volgende ronde waar Tim van Huizen zijn tegenstander zal zijn. Tim dan plaatste zich voor die volgende ronde door - met enige onverwachte moeite - Leo Stelloo te verslaan. In eerste instantie had Leo er weinig zin in, hij speelde liever een huishoudelijke partij. Maar toch ging hij zijn best doen en dat leverde meer op dan tevoren verwacht. Want de beide reguliere partijen leverden een gelijke stand op en dus moest het snelschaken de beslissing brengen. Dat is ook één van de hobbies van Leo en dat bleek ook wel want Tim ging in beide partijen met de winst strijken. O.a. het wegblunderen van een toren was daar de oorzaak van en na afloop liet Leo zich ontvallen "beide keren trap ik er in en verlies dezelfde toren". Dat waren dus de bekerwedstrijden, nu de blik op het huishoudelijke gebeuren.

Kijken we dan eerst naar de - op het moment van spelen - lijstaanvoerder Jan van Huizen. Hij kreeg de in vorm zijnde Julian Krabbendam tegenover zich, die waarschijnlijk moed had geput uit zijn vorige partij toen hij het heel lang had weten vol te houden tegen Ernst Jan Pluim Mentz. Nu, tegen Jan, bleef het lange tijd vrijwel gelijk op gaan en lukte het hem om zijn f-pion diep in de vijandelijke linies te laten penetreren. Maar Julian had nog meer in petto. Hij wist namelijk zijn torens te verdubbelen op de voor hem voorlaatste rij en daar komt dan meestal gevaar uit voort. Ook nu want samen met die f-pion - inmiddels opgerukt naar de zesde rij - werd de koning van Jan vastgezet op de achterste rij en zag Jan geen verdere mogelijkheden tot het redden van het vege lijf, dus gaf hij op. Dat schiep mogelijkheden voor Ernst Jan, die tegen runner-up Jan van Dam kwam te spelen. Helaas is er te weinig van deze partij gezien om er terzakekundig commentaar op te leveren. Het is eigenlijk jammer, dat er relatief weinig over gespeelde partijen wordt aangeleverd, hoewel er regelmatig door personen bij andere partijen wordt gekeken. Het eindresultaat van deze partij is overigens dat Ernst Jan heeft gewonnen en hiermee de nieuwe lijstaanvoeerder is geworden. Een voor hem toch wel bekende plek! Wie wel regelmatig commentaar op zijn eigen partijen inlevert is Thomas Ammerlaan, die het nu, met zwart, opnam tegen Timo van Kesteren: Ik opende met een opening, die ik al een hele lange tijd niet heb gespeeld, het Benkö-gambiet (1. d4 Pf6 2.c4 c5 3.d5 b5). Het beloofde een spannende partij te worden, want Timo nam de pion op b5 i.p.v. iets rustigers als Pf3 of e3. Al vrij snel merkte ik dat een aantal details me zijn ontgaan, sinds na 4.cxb5 a6 5.e3 ik niet meer wist of e6 of g6 de betere zet was. Ik koos voor g6. Langzaamaan ging de partij dan toch gelijk op, maar ik speelde op een slecht moment e6:

dxe6 Lxe6 O-O d5 Pxd5 Pbxd5 exd5 Pxd5 Pg5 en wit zou een pion extra hebben plus het loperpaar. Timo probeerde om het centrum juist stabiel te houden met Lc4, wat direct een blunder was die de partij verloor vanwege exd5 (Pxe4 was nog beter, maar dat zie ik nu pas met de computer) Lxd5 Pfxd5 Pxd5 La6, waarna de koning niet meer kan rokeren, Dd2 Pd3+ Kd1 Te8 Pc3 Lxc3 bxc3 Txe4 Pe1 Lc4
Pxd3 is hier geen optie, want Lb3+ wint de dame. Timo probeerde nog Ta3, maar gaf op na Pxc1 Kxc1 Te2 Df4 Db6 (mat is hier niet meer te stoppen) Pc2 Tb8 Pb4 cxb4 Dxc4 bxa3 Dxe2 Db1+:
Na Ke2 Tb2+ Ke3 Txe2+ Kxe2 Dxh1+ heb ik een dame extra en is het mat na bijvoorbeeld f3 a2 Kd3 a1=D Kc4 Dxa4+ Kd3 Dxg2 h4 Dxf3+ Kd2 Dad1#.

Nu verder met Bonne Faber tegen Sheila de Jonge, die - wegens haar gezondheidsproblematiek - met het jeugdtempo speelde. Beiden letten ze onvoldoende op want in de volgende stelling speelde Sheila

a6? om de voor haar vervelende loper weg te jagen. Maar, i.p.v. Lxc6+ speelde Bonne à tempo La4, de voor hem standaardzet in dit soort positie. Bonne had zojuist Dd3 gespeeld en nu speelde Sheila in deze
stelling het minder goede c5, dat werd beantwoord met - dxc5;Lxc5 - exd5;f5 - Lxc5 en nu deed zich het typische feit voor dat er een dubbele aanval zou kunnen komen met de e-pion maar dat dit niet goed zou zijn: ...;e4 - Dd4;exf3 - Ph5;Tf7 - Lb3;Kh8 - d6;Pc6 - dxc7;Pxd4 - cxd4 en wit wint een stuk. Maar Sheila koos voor Dxc5 en Bonne nam de pion met Pxe5. In de volgende stelling ging Sheila duidelijk
in de fout met Lb7?. Bonne greep direct zijn kans met Txe7. Enkele zetten later had Sheila een er leuk uitziende aanval opgezet met Dc7, daarmee de ongedekte toren en paard aanvallend. In het heetst van
de strijd kost het enige moeite het juiste antwoord te vinden. De computer vindt er makkelijk een aantal waarvan Tae1 de sterkste lijkt. Bonne koos hier voor De7, daarmee meteen dameruil aanbiedend. Daar ging Sheila niet op in, ze speelde Db6+ en gaf enkele zetten later, in de volgende stelling, op. De beste
zet zou nog Tde8 geweest zijn maar ook dan zat er voor zwart niet veel muziek meer in de stelling na Dxe8;Txe8 - Txb6 met torenwinst.

Dan laten we nu Fred weer even aan het woord. Michiel Landman had Jacques Kokshoorn als tegenstander. Jacques speelde een sterke partij. Dat moet ook wel als je tegen Michiel speelt. Jacques zag echter het slaan van de h3 pion over het hoofd. Na een aantal zetten kwam de dame van Michiel dreigend op de achterste lijn binnen. Met de bezette c-lijn zag het er goed uit voor Michiel. Maar Jacques was ondertussen ook dreigend bezig. Zijn toren en dame stonden op g7 gericht en omdat Michiel dit niet voldoende kon verdedigen, ging hij over tot eeuwig schaak. Remise was dus de einduitslag.

Jaap Santifort had het moeilijk tegen Rik Verhey. In de opening verloor Jaap de d-pion. Deze pion zou genoeg zijn om in een spannend eindspel te promoveren tot dame. Jaap had alleen nog maar een loper en een pion. Maar de dame was te sterk en Rik wist de koning van Jaap redelijk snel schaakmat te zetten.

Frits van der Veeke en Albert Schaefer speelden een partij met op zeker moment Albert in de aanval. Maar dat wist hij niet af te maken en ze herhaalden de zetten na enkele pogingen. Het had er echter alle schijn van, dat Albert een stuk had kunnen winnen, zoals Leo duidelijk maakte, nadat er remise was overeengekomen. Maar dan telt het natuurlijk niet meer.

Ook een ingewikkelde partij wisten Wim Noordermeer en Hans Maagdenberg op het bord te toveren. Hans had Wim teruggedrongen op de achterste rij en kon daar op zeker moment mat in één geven. Dat zag hij echter niet maar zijn positie was zo dwingend dat hij enkele zetten later Wim tot overgave wist te dwingen.

Dan was er tenslotte nog Dennis de Graaf tegen Michael Smalheer. Maar daar werd niets van gezien en het werd ook wel een snel verlies voor Michael.

Dan weer een nieuwe tussenstand.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten