De laatste wedstrijd van het jaar voor de viertallen beloofde een drukke boel te worden aangezien alle drie de teams tegelijk konden spelen. Helaas moest de wedstrijd voor het tweede team verplaatst worden naar 11 december. Gelukkig is er meer dan genoeg om over de rest van de acht partijen te schrijven, van zetten die de partij gelijk weggeven tot partijen die de hele tijd gelijk op gingen, er is voor ieder wat wils. Daar doet Thomas Ammerlaan dan ook verslag over.
We zullen beginnen met de het derde team, aangezien daar alle partijen al klaar waren voor dat er ook maar één partij bij het eerste team een resultaat had.
Na een spannende wedstrijd tegen Dordrecht, dat ze maar net 2½ - 1½ verloren, was het de vraag of ze het deze keer wel over de streep konden trekken.
Het begon al snel goed, met de partij van Wilco Baartmans aan bord 2. De opening was al vrij snel in het voordeel van wit. Terwijl zijn tegenstander moeite had om zijn stukken er uit te krijgen, waardoor het er ietsjes raar uitzag qua stelling, had Wilco ondertussen al mooi het centrum overgenomen met e4 en d4 met ondersteuning van paarden op f3 en c3. Daarna kwam de partij al vrij snel tot zijn einde, want de tegenstander gaf zijn dame in één zet weg op e7 en niet veel later was het eerste punt binnen.
Daarna wist Michael Smalheer ook mooi zijn partij te winnen aan bord 4. Het zag er een tijdje misschien een beetje eng uit, want wit rokeerde aan de korte zijde, waar al een pion van zwart op f5 stond en de g en h-pion al stonden te wachten om naar voren te worden geschoven. Zoals Michael het echter mooi liet zien is, dat, als de tegenstander aan de koningszijde (of dameszijde) aan het werk gaat, het vaak het beste plan is om zelf in het midden spel te krijgen, zeker als de koning van je tegenstander nog in het midden staat. Verder kon ik helaas niet veel meer zien van de partij, maar ik neem aan dat de koning van de tegenstander inderdaad in het midden in de problemen kwam, want ook aan dit bord was het punt voor De Pionier.
Aan bord 1 was er voor Leo Stelloo helaas niet veel goed nieuws. Zijn koning op h8 had alleen een paard op h7 om hem gezelschap te houden, terwijl de h-pion nergens te bekennen was en de g-pion ook verloren ging. Hierdoor kwam zijn koning natuurlijk veel te open te staan en dus was het een kwestie van tijd voordat er een aanval kwam die niet meer tegen te houden was en dus werd het nog spannend aan bord 3.
Gelukkig voor het team had Duncan Peltenburg daar de positie in goede controle. Hij dacht eerst een stuk te winnen, maar dat bleek meer een offer te zijn, sinds de tegenstander dat stuk in een mum van tijd weer terug won. De positie was echter de hele tijd ietsje beter voor Duncan, goed genoeg in ieder geval dat de tegenstander drie keer een remiseaanbod deed. Nadat duidelijk was dat een remise genoeg was voor de overwinning van het team nam Duncan dan ook na een vierde aanbod de remise aan en dus is de eindscore een nette 2½-1½ overwinning voor het derde viertal, te zien op het wedstrijdformulier:
Terwijl zij mooi hun overwinning konden vieren, waren de vier borden van het eerste team nog hard aan het zwoegen om punten te pakken. Voor het eerste team was het de vraag of ze de vorm tegen Charlois Europoort konden vasthouden en ook vanavond zouden weten te winnen.
Ook hier begon het met een sterke start aan bord 1. Ernst Jan Pluim Mentz was redelijk voorbereid in de opening tot zet 9. Hier dacht zijn tegenstander 20 minuten na, waarna Ernst Jan zelf 30 minuten nadacht:
Uiteindelijk speelde Ernst Jan Pg4, waarna de positie redelijk gelijk is, maar ik wil nog Dxb2 uitlichten, sinds zwart daar echt voor de winst kan gaan, na bijvoorbeeld Dxb2 Pcb5 Db4 Le2 Pxd4 Pxd4 d6, waarna zwart een pion extra heeft en het niet helemaal duidelijk is wat voor compensatie wit zou moeten hebben. Na Pg4 fxg4 gingen er een hoop stukken van het bord af met Lxd4 Lxd4 Dxd4+ Dxd4 Pxd4. Uiteindelijk wist Ernst Jan een kwaliteit te winnen op a1, waarna hij het netjes uitspeelde door de kwaliteit terug te geven, om in een toreneindspel met twee pionnen extra te komen, waarna de tegenstander opgaf.
De tweede partij die klaar was, was mijn eigen partij aan bord 2. Vanuit de opening zag het er al naar uit de het een achtbaan van een partij ging worden, want Philip Westerduin besloot om voor de Najdorf te gaan in de Siciliaanse opening. Zoals gewoonlijk komt wit beter te staan, als je precies de goede volgorde van g4, h4, f4, g5, f5 en h5 weet te spelen. Dit wist ik redelijk goed vol te houden, hoewel het me iets meer tijd kostte dan dat ik zou willen en na 16 zetten kwamen we terecht in deze positie:
Ik zat na te denken over drie zetten: f6, fxe6 en Lh3. Uiteindelijk koos ik voor Lh3, maar achteraf had ik beter fxe6 kunnen spelen, sinds de positie dan makkelijker te spelen is voor mij. f6 is overigens de beste zet, maar ik wist niet helemaal wat je moest spelen na gxf6 gxf6 Lxf6, maar na Lg5 Lg7 Tg1 Kh8 en Df2! kan wit blijkbaar er nog best een voordeeltje uit halen. De positie werd dan ook opeens heel gevaarlijk na b4 Pa4 Pc4 Lc1 e5 Dd3 Ld7 b3 Lb5 bxc4 Lxc4:

Ik gebruikte ondertussen ook aardig wat tijd, sinds ik telkens moest oppassen om niet in één keer verloren komen te staan. Ook hier is er maar één zet om niet verloren te staan (en zelfs een voordeel van +1 te krijgen), namelijk De3!, waarna ik dacht dat Da5 Lf1 Lxa2+ Kxa2 Dxa4+ Kb2 b3 cxb3 d5 verloren was voor wit, maar blijkbaar na Th3! d4 De2 weet wit alles bij elkaar te houden en kom je in een vrij rare positie terecht waar zwart drie pionnen voor een zijn loper krijgt. Ik speelde in plaats daarvan Dg3 waarna Philip direct kon winnen met Lxa2+!!, maar dat valt niet zo makkelijk te berekenen en dus speelde hij het logischere Da5. Na Lf1 hadden we dan in ongeveer dezelfde stelling kunnen komen als hierboven, maar ik speelde Lb2 om te proberen weg te komen met Kc1 bijvoorbeeld. Dxa4 f6 Lxa2+ (Dxa2+ was beter geweest, sinds b3 daarna een winnende zet is) Kc1 Lf8 (ook hier was b3 goed geweest, maar na c3 Dxe4 Dd3 Dxd3 Txd3 gxf6 gxf6 Lxf6 Lf5 kan wit het misschien nog redden in het eindspel, sinds zwart vrij snel een fout kan maken) fxg7 Le7 (Hier had zwart de pion op g7 moeten nemen, de positie is nu weer gelijk) Lf5! (Dg4 is nu een serieuze dreiging) Le6 (wit staat nu gewonnen) Lxe6 fxe6 Dg4 (g6 was hier een stuk beter geweest) Kxg7 Dh5 (ook hier was g6 de enige optie, na Dh5 was Tec8 beter voor zwart) Lf8 Thf1:
De enige zet hier voor zwart is Tb7, waarna Dh6+ Kg8 Txf8+ Txf8 Dxe6+ Tbf7 g6 hxg6 Dxg6+ Tg7 Dxd6 De8 Lxe5 en nog een paar zetten een gelijk eindspel geeft. Philip zag echter mijn dreiging over het hoofd en speelde Tbc8, maar na Tf7+ gaf hij meteen op, want na Kg8 of Kh8 is Dxh7 natuurlijk mat.
Een kalmere partij was het aan bord 4. Hier had Martijn van Dam zijn lesje wel geleerd van zijn partij uit de RSB-wedstrijd tegen Hoeksche Waard en hij speelde nu de pionnen op aan de koningszijde zonder aan die kant te rokeren. Hierdoor bleef de positie vrij gelijk, voor zover ik kon zien en dat bleef eigenlijk wel de hele tijd het geval. Voor de rest valt er dan ook niet heel veel over de partij te zeggen en dus werd het resultaat een remise.
Met de overwinning voor het team op zak was het dan nog de vraag of Maurits Leentvaar aan bord 3 de kers op de taart kon zetten. Vanuit de opening zou je het in ieder geval niet zeggen. Maurits haalde wat lijnen in het Konings-Indisch, sinds er inderdaad wat lijnen zijn waar je een pionvork "weggeeft" met je paarden op f6 en h6, maar dat was hier niet het geval:
Zijn tegenstander had het hier iets preciezer, met Db3 eerst, kunnen spelen, sinds het paard op h6 toch vaststaat, maar je moet een gegeven paard niet in zijn bek kijken, zoals het gezegde gaat. Na deze fout wist Maurits zichzelf gelukkig weer op orde te krijgen en begon flink wat tegenspel te geven. Na enige tijd wist hij, naast de e-pion die hij al kreeg na Pxe4, de d-pion te winnen van wit en even later ook nog de f-pion, waarna positie er niet meer zo slecht uit ziet:
Sterker nog, de stelling was weer volledig gelijk. Maurits besloot om dames te ruilen op e2 zodat het een eindspel was met 3 pionnen voor zwart en een paard voor wit. Dit op zichzelf was natuurlijk prima, maar na wat inaccurate zetten kwam zwart weer in de problemen, waarschijnlijk vanwege tijdsproblemen aan beide kanten. De laatste kritische positie beëindigde de partij dan ook vrij snel:
De enige zet die wint voor wit is Pf6+, want na Kf8 Te1 verliest zwart de h-pion, waarna het een kwestie is van h7 en h8D. In paniek speelde wit Pf2, om de Tc1-mat dreiging te weren. Na Kf8 moest hij Te2 spelen om Tcc2 tegen te gaan en om na Tc1+ Kg2 te kunnen spelen. In plaats daarvan werd Td7 gespeeld, maar na deze zet werd er ook meteen opgegeven, want na Tc1+ Kg2 Txf2+ Kxf2 Txh1 verliest wit zijn laatste twee pionnen en wordt het een eindspel met vijf extra pionnen voor zwart.
Een mooie avond dus voor beide teams. Na een lange winterstop mag het derde team naar Papendrecht om het op te nemen tegen PASCAL V2 en het eerste viertal gaat naar Rotterdam om tegen Erasmus V1 te spelen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten